Kalender

 <<  < sep. 2019 >   >>
ZMDWDVZ
1234567
891011121314
15161718192021
22
232425262728
2930

Vandaag jarig

Andrea Bocelli (1958)
Andy Cairns (1965)
Ken Vandermark (1964)
Martin Solveig (1976)
Miss Montreal (1984)
Nick Cave (1957)


Jesu kaarten

Het laatste nieuws over Jesu kaarten

Abonneer u nu op onze informatiedienst en ontvang als eerste per SMS het laatste nieuws!

Aankomend

Er zijn op dit moment geen aankomende concerten en/of evenementen van Jesu beschikbaar.

artiest informatie

Jesu

Enige melancholie is ondergetekende niet vreemd als het aankomt op de persoon van Justin Broadrick, een man wiens genie nog elke dag sporen als leverplekken op mijn muzikale bewustzijn nalaat.
Al op 15-jarige leeftijd stampte deze Brit met wat vriendjes Napalm Death uit de grond, een grindcoregezelschap dat, nadat ze een paar jaar lang de grenzen van de harde muziek definitief een paar kilometer richting het extreme hadden opgeschoven, afdwaalde naar het soort death metal eenheidsworst waar we medio jaren negentig zo van gingen walgen. Broadrick had toen al lang het zinkende schip verlaten, en had met Godflesh een project gevonden waar hij alles in kwijt kon. Industrial, jawel, gedomineerd door log gitaarwerk, dodelijk gegrom en teksten die bulkten van verontwaardiging en onvrede. Menige jonge dertiger met een lichte voorkeur voor harde muziek vist waarschijnlijk nog regelmatig ‘Streetcleaner’ uit zijn collectie, een plaat die in 1989 niet alleen jonge levens op hun kop zette, maar met zijn anarchistisch gitaargebeuk en rammende drumcomputers meer dan één jonge muzikant beïnvloedde. Onder hen Hydrahead-label manager Aaron Turner, in wiens band Isis regelmatig luide echo’s weerklinken uit vergane Godflesh-tijden. Het is Turner die zijn held heropviste, nadat die zich, na de split van Godflesh, enkele irrelevante projecten en financiële tegenslagen, aan de rand van een gapende afgrond bevond.

Het langspeeldebuut van Broadricks nieuwe geesteskind is onmiskenbaar het product van iemand die de voorbije jaren heeft moeten leven met zenuwinzinkingen en depressie. De sfeer is grauw en contemplatief, repetitieve ritmes klitten onlosmakelijk samen met dikke gitaarlagen, en in zijn teksten gaat Broadrick een beetje pathetisch op zoek naar een Verlosser, of dat nu een scheermes, een potje tranquillizers of een niet gedefinieerde godheid is.

Het zou niet de eerste keer zijn dat een Man op de Rand met een meesterwerk voor de dag komt, en dat is hier niet anders. Van bij de eerste noten van ‘Your Path To Divinity’ vindt Jesu de juiste vorm: een schuchtere gitaar priemt zich een weg door een korzelige, resonerende baslijn, terwijl Ted Parsons – ja, het machtige beest dat ook al bij The Swans en Prong de vellen beroerde – met zijn sticks voor een dramatische subplot zorgt. De song wordt in het midden naar een hoogtepunt gestuwd, wanneer Broadrick beslist om iets uit zijn keel te persen dat werkelijk steek houdt. Geen grunt of growl, maar zang. Weliswaar zonder enige ambitie tot virtuositeit: Broadrick gebruikt zijn stem – en dit de hele plaat door – als een extra instrument dat niet speciaal als triomfator uit de mix moét komen, maar als extra laag in een sound die sowieso al overvol zit. Het maakt het geheel alleen maar indrukwekkender.
Na deze relatief ‘softe’ opening trekt Jesu tijdens ‘Friends Are Evil’ alle registers open. Nog steeds tergend traag en deprimerend, maar uitgerust met een versplinterende riff, die halfweg wordt opgeborgen voor een ‘pielmoment’ waarbij onze hartspier zonder verdere aanleiding een aantal seconden vergeet te functioneren. Het blijkt de perfecte overgang naar ‘Tired of Me’, dat met zijn dromerige gitaaroverlappingen dicht in de buurt komt van de shoegazer klanken van My Bloody Valentine, maar op het einde, dankzij een omnipresente orgel, volledig de sacrale toer op gaat. ‘We All Faulter’ heeft alvast de meest toepasselijke songtitel, want tussen al het lekkers dat op ‘Jesu’ te rapen valt, is deze song misschien net iets té gewoontjes.

Het is dan ook het enige nummer op dit debuut dat losweg tussen wal en schip valt. De rest is gemakkelijkheidshalve te catalogeren onder de noemer “pure klasse”. De manier waarop Broadrick uit een stel songs zonder noemenswaardige wendingen en té kunstmatige ingrepen toch een plaat weet te distilleren die 70 minuten (!) probleemloos de aandacht weet te gijzelen, onthult een groot genie. Bovendien is Jesu – met uitzondering van ‘Man/Woman’ - geenszins een verlengstuk van Godflesh, een band die hem toch een trouwe schare fans had opgeleverd, maar een nieuwe lei, waarop Broadrick – hopelijk – een vruchtbaar tweede deel van zijn leven kan neerpennen. In afwachting van Broadricks persoonlijk rehabilitatie kunnen we ons wel bezighouden met deze doemplaat van het zuiverste water, waarvan fans van het eerder genoemde Isis en Neurosis gegarandeerd het schuim op de lippen zullen krijgen.